|
De Magyar Vizsla of Hongaarse Staande Hond, zoals hij officieel heet is een middelgrote, elegant gebouwde kortharige of draadharige staande hond. Staande honden moeten onder andere tijdens de jacht het volgende kunnen doen: Methodisch zoeken Gemakkelijk en snel af te richten Wat is veldwerk? Veldwerk is een tak van jachthondensport waarbij voor iedere jachthond een eigen discipline bestaat. Zo kan er van een retriever (apporteerder) niet verwacht worden dat hij voorstaat.Oh ja, wat is voorstaan?Voorstaan is eigenlijk niets anders dan dat de hond aanwijst waar wild zit en dan het liefst veerwild. De hond verstijft en zijn neus zal in de richting wijzen waar het wild zit of kort daarvoor gezeten heeft (een zogenaamde "warme plek"). Een ervaren hond zal het verschil tussen beiden herkennen.Als het goed is weet de hond het wild te ‘blokkeren’. Vogels doen over het algemeen twee dingen als zij zich bedreigd voelen;vluchten door weg te rennen of weg te vliegen zich drukken en heel stil te houden. Blokkeren houdt in dat punt 1 voorkomen wordt.Eigenlijk moet hij dus de fazant zo bedreigen dat deze het gevoel heeft niet ontdekt te worden. Nou als dan de hond echt stil staat (voorstaat), dan is het de bedoeling dat de voorjager (baas) naar de hond toegaat en dat ze samen het wild op laten vliegen. Als het goed is zit het wild in het verlengde van de hond en recht voor zijn neus. Verder is het zo; hoe hoger de kop van de hond, des te verder zit wild. Tijdens de veldwedstrijden in het najaar worden de opgaande fazanten geschoten waarna ze geapporteerd moeten worden. Althans dit gebeurt in de open klasse en de novice klasse. In totaal zijn er drie klassen tijdens de veldwedstrijden: 1. Jeugdklasse, voor jonge honden tot maximaal 2 jaar. 2. Noviceklasse, voor ‘volwassen honden die nog geen kwalificatie in de openklasse hebben behaald 3. Openklasse In de jeugdklasse wordt niet geschoten en er hoeft dus ook niet geapporteerd te worden. Een fijne bijkomstigheid als je niet van dode dieren houdt en toch je hond aan het werk wilt zien. Verder wordt hier meer gelet op de natuurlijke aanleg van de hond en het appèl is van ondergeschikt belang. In de novice klasse en open klasse moet wel geapporteerd worden. Althans in het najaar. In het voorjaar wordt niet geschoten. Het verschil tussen de novice- en open klasse, zit hem hierin dat de hond in de open klasse geen enkele fout mag maken om voor een kwalificatie in aanmerking te komen. Zo moeten de honden in deze klassen ‘hazenrein zijn. Dit houdt in dat zij hazen niet achterna mogen gaan. In de novice klasse wordt niet moeilijk gedaan als de hond 10 meter achter een haas aan rent en vervolgens wordt afgestopt. In de open klasse betekent dit dat je uit de wedstrijd ligt. Er wordt zogezegd in de novice klasse met een knipoog gekeurd. Naast het voorstaan wordt de hond ook beoordeeld op de zoekwijze. De hond moet op eigen initiatief een veld afzoeken naar wild. Hierbij is het van groot belang dat de voorjager de windrichting goed in de gaten houdt. De hond kan namelijk alleen wild vinden als hij zijn neus tegen de wind in houdt. Vervolgens moet de hond systematisch het veld afzoeken. Dit heet in vakjargon officieel ‘revieren’, maar in veldwerkkringen wordt het jagen genoemd. WindrichtingZoals te zien is moet de hond tijdens het maken van de bochten zijn neus in de wind draaien. De reden hiervan is, dat de hond niet kan ruiken wat er voor hem zit als hij de wind in de rug heeft. Op zich lijkt dit logisch, maar onze ervaring is dat een beginnende hond regelmatig verkeerd draait. Als de hond goed weet wat de bedoeling is gaat het veelal vanzelf. Het is wel de bedoeling dat de voorjager zo min mogelijk terrein bestrijkt en dus het liefst in een rechte lijn het veld over steekt.Als een hond een fazant of patrijs heeft voorgestaan op een manier dat de voorjager erbij kon komen, de fazant geschoten zou kunnen worden, de hond niet de fazant achternajaagt, er een correct apport wordt uitgevoerd, dan is er een punt verdiend. Als een hond en voorjager dit allemaal goed doen dan kan er één van de volgende kwalificatie gegeven worden: Goed, Zeer Goed en Uitmuntend Daarnaast kan in de jeugd een Eervolle vermelding gegeven worden aan een hond die prachtig werk heeft laten zien maar bijvoorbeeld niet voor wild is geweest, of een hond met hoge verwachtingen.In de open klasse kan het C.Q.N. vergeven worden; feitelijk gelijk aan de eervolle vermelding, alleen met dit verschil, dat hier echt sprake moet zijn van perfect uitziend werk, geen kans op wild, of een hond niet aan te merken fout.De moeilijkheid bij deze tak van sport is de training. De Vizslavereniging organiseert elk jaar wel een cursus, maar met alleen 1 x per week trainen kom je er niet. U moet zelf zoek gaan naar geschikte velden waarop je mag trainen. Heel belangrijk in de training is het om de hond op verschillende velden te laten lopen. Dan leert de hond dat niet alleen op dat enkele veld gewerkt moet worden, maar dat hij of zij aan de bak kan op alle terreinen. Hiermee kunt U voorkomen dat de hond op een wedstrijd opeens aan het werk moet op een voor U en hem vreemd terrein. Met als mogelijk gevolg dat de hond niet goed loopt.
|